Wedica Premchand

Kan je jezelf voorstellen?
Natuurlijk. Ik ben Wedica, 39 jaar oud en ik identificeer mij als Hindostaans en queer. Mijn voornaamwoorden zijn zij/haar. Toen ik uit de kast kwam, noemde ik mezelf lesbisch. Tegenwoordig voel ik mij comfortabeler bij de term queer, omdat dit een bredere definitie is. Lesbisch dekt de lading niet volledig voor mij, omdat ik mij bijvoorbeeld ook aangetrokken kan voelen tot non-binaire mensen. 

Hoe ervaar je vreugde als iemand die Hindostaans en queer is?
Het is gelaagd. Ten eerste ervaar ik vreugde wanneer ik mijn queerness kan bespreken of uiten bij familie, zoals mijn nichten, zus of moeder. Hoewel deze gesprekken soms over serieuze onderwerpen gaan, geeft het feit dat ik vrijuit kan praten over mijn queer leven veel vreugde. Homoseksualiteit is voor veel Hindostaanse families nog steeds een taboe. Mijn familie is met mij gegroeid en het is nu een onderwerp waar we openlijk over kunnen praten. Ten tweede betekent vreugde voor mij ook een daad van verzet. In de geschiedenis zijn queer mensen vaak onderdrukt of genegeerd. Dat ik nu mijn leven vrij kan leven en vreugde kan ervaren erin, voelt als een overwinning. Ten derde ervaar ik veel vreugde door de groei van de Hindostaanse queer community. Zien dat de gemeenschap groeit en elkaar ondersteunt tijdens evenementen en bijeenkomsten, dat geeft mij ook veel vreugde.

Kun je een specifiek moment beschrijven waar je veel vreugde uit hebt gehaald?
Een specifiek moment van vreugde was toen ik met mijn familie kon praten over iemand die ik aan het daten was. Het ging niet meer over het feit dat ik met een vrouw aan het daten was, maar over de liefde en relatie zelf. Mijn familie stelde dezelfde vragen als wanneer ik met een man zou daten. Dit soort gesprekken maken mij gelukkig, omdat het aantoont dat mijn queerness bij mijn familie echt geaccepteerd is.

Kun je een moment van vreugde delen dat je als een daad van verzet ervaart?
Ja, als ik met mijn queer vrienden samen ben en we gewoon plezier hebben. Bijvoorbeeld tijdens een diner of een evenement. Op zulke momenten besef ik dat we genieten van ons leven, ondanks dat er politieke partijen zijn die onze rechten het liefst zouden willen inperken. Het feit dat we vreugde kunnen ervaren ondanks deze onderdrukking, voelt als een daad van verzet.

En wat is een specifiek voorbeeld van vreugde binnen de groeiende Hindostaanse queer community?
Een mooi voorbeeld is de groei van het aantal deelnemers aan onze evenementen. Waar we begonnen met kleine bijeenkomsten, hebben we nu evenementen met meer dan honderd deelnemers. Ook initiatieven van Hindostaanse (niet-queer) activisten brengt onze community samen. Het is geweldig om te zien hoe onze gemeenschap groeit en elkaar weet te vinden tijdens verschillende activiteiten.

Wat zou je graag in de toekomst zien om jouw vreugde nog meer te vergroten?
Ik droom van een toekomst waarin niemand meer uit de kast hoeft te komen. Dat het er niet meer toe doet wie je liefhebt of hoe je je identificeert, maar dat dat gewoon een bijzaak is. 

Wat zou je anderen in de Hindostaanse queer gemeenschap adviseren over het vinden van vreugde?
Volg je hart en luister naar je eigen behoeften. Als je behoefte hebt aan verbinding met anderen in de community, durf dan de stap te zetten om mensen zoals jij te vinden. 

Is er nog iets wat je wilt toevoegen?
Het zou helpen als de Hindostaanse gemeenschap niet negatief praat over queers. Door supportive te zijn en positief te praten over queerness, kunnen we bijdragen aan zelfacceptatie en vreugde binnen onze eigen families en de bredere gemeenschap.

Ik begreep dat je ook een sterke binding hebt met Den Haag. Kun je daar iets over vertellen?
Zeker! Mijn binding met Den Haag is heel sterk. Ik woon hier al sinds mijn kleutertijd, dus nu ongeveer 35 jaar. Den Haag voelt als mijn thuis. Het is een stad die veel voor mij betekent, zowel persoonlijk als binnen mijn community.

Dank je wel voor dit openhartige gesprek, Wedica. Je hebt waardevolle inzichten gedeeld die zeker anderen zullen inspireren.
Graag gedaan. Ik hoop dat we allemaal bijdragen aan een wereld waarin iedereen vreugde kan ervaren, ongeacht hun identiteit.

Interview afgenomen door Ashwin Ramadhin

Kai Bhawanibhiek

Zou je jezelf kunnen voorstellen (identiteit, achtergrond, cultuur, positie in LHBTI+ gemeenschap?
Ik ben Kai Bhawanibhiek, 33 jaar oud en ik woon in Amsterdam. Ik ben een homoman en al 15 jaar of langer uit de kast. Dat is in etappes gegaan. Mijn voornaamwoorden zijn hij/hem. Ik zet me al een tijdje in voor de lhbti-gemeenschap. Tijdens mijn studententijd ben ik begonnen als bestuurslid bij Expreszo (lhbti tijdschrift). In 2022 zag ik een vacature van stichting Hindostaans & Queer. Ze waren tijdens hun opstartfase op zoek naar bestuursleden. Ik heb toen gesolliciteerd, omdat ik het fijn vond te zien dat er een plek bestond – een gemeenschap – waar twee van mijn identiteiten zo samenkwamen, dus dat vond ik mooi. Ik lever nu al al twee jaar mijn bijdrage aan de stichting als algemeen bestuurslid. 

Heb je ook een persoonlijk doel als bestuurslid van Hindostaans en Queer?
Ik denk dat het persoonlijk doel eigenlijk is dat het wat makkelijker wordt voor de volgende generatie. Ik denk dat we inmiddels heel ver zijn gekomen, maar er zijn nog steeds jonge Hindostaanse queers die behoefte hebben aan gemeenschap, rolmodellen, verhalen; aan een plek waar ze veilig kunnen zijn. Ik denk dat dat echt een hele waardevolle bijdrage kan zijn voor de toekomst.

Wat betekent het voor jou persoonlijk om én Hindostaans én queer te zijn?
Ik heb dat heel lang gezien als twee tegenstrijdige identiteitskenmerken, omdat er in beide gemeenschappen geen ruimte was voor de ander – heel plat gezegd. Ik heb de afgelopen vijf tot tien jaar ontdekt dat je die plek zelf kan maken. Enerzijds door te ontdekken dat er, waar de Hindostaanse geschiedenis en -cultuur – de Indiase cultuur – vandaan komen, echt wel ruimte is ruimte is voor queerness, maar dat de huidige Hindostaanse gemeenschap dat minder heeft. Eigenlijk moet je die plek nu gaan maken en claimen met educatie en ruimte pakken. Ze beginnen steeds meer in elkaar over te vloeien en zijn minder tegenstrijdig voor mij. De dagelijkse werkelijkheid is anders, maar het komt steeds meer samen; dat vind ik wel mooi.

Wat zijn de belangrijkste bronnen van vreugde voor jou als Hindostaans en queer persoon?
Wat mij vreugde geeft is dat het adaptatievermogen van de Hindostaanse gemeenschap zich laat zien als het gaat om queerness omarmen; er komen heel veel mooie voorbeelden naar boven van bruiloften en relaties, maar ook families die eerst heel conservatief waren maar de partner van hun queer kind nu wel accepteren. Ik denk dat dat mij vreugde geeft; die mooie dingen waardoor ik verder wil gaan.

Is er nog advies dat je zou geven aan andere mensen in de Hindostaanse queergemeenschap over het vinden van vreugde en vervulling met deze intersectionele identiteit?
Ik denk dat het heel belangrijk is om jezelf te kennen. Deze twee identiteitskenmerken hebben ook heel veel te maken met al je andere persoonlijkheidskenmerken, zoals wat je leuk vindt en waar je blij van wordt. De ene wordt blij van een goed gesprek, de ander van een film en de ander van een feestavond. Ik denk dat het goed is om te raden te gaan wat jij leuk vindt; wat maakt jou blij? en kijken hoe dat past binnen de beiden culturen. Daarbij ook het advies om de Hindostaanse cultuur te exploreren, want ze is groot en breed en er is ruimte voor veel; ze is heel adaptief, dus er is hoogstwaarschijnlijk ruimte – en misschien is die ruimte al gecreëerd – voor jouw vreugde in die cultuur als Hindostaanse queer persoon.

Wat is jouw binding met Den Haag?
Den Haag is de plek waar een van de studentenverenigingen, HSFN (Hindoe Studenten Forum Nederland) waar ik mij erg heb ontwikkeld gevestigd was, dus een goed deel is in Den Haag geweest. Op die manier heeft Den Haag altijd wel een plekje in mijn hart. Door de manier waarop de stad Den Haag de Hindostaanse cultuur een plek geeft en hoe de Hindostaanse cultuur daar floreert, is het heel snel het middelpunt van de Hindostaanse cultuur in Nederland; op die manier heb ik zeker wel binding met Den Haag, ook al woon ik er niet zelf.

Interview afgenomen door Maithili Bansi

Renaldo Farkas

Kan je jezelf voorstellen? 
Mijn naam is Renaldo Farkas. Ik ben 33 jaar, woonachtig in Delft, en ik identificeer mij als gay. Verder ben ik ben geboren in Rotterdam en daar heb ik ook heel mijn leven gewoond. Mijn moeder is van Hindostaanse komaf, en mijn vader is half Nederlands en half Hongaars. Dus ik kom uit een gemixte familie. Ik heb niet heel veel meegekregen van de Hindostaanse cultuur met mijn opvoeding. Maar ik heb wel altijd een connectie gevoeld met de Hindostaanse cultuur, dus in die zin voel ik me wel Hindostaans. Maar ik voel me ook meer dan alleen Hindostaans. Ik voel me ook deels Hongaars en deels Nederlands natuurlijk!

Ik heb mij in mijn hele leven nooit echt ingezet voor LHBT+ acceptatie. Maar vorig jaar, was er een kans om voorzitter te worden van de pride groep op mijn werk. Toen ben ik begonnen om mij in te zetten voor de community en werd mijn passie aangewakkerd.  En het beviel mij zo goed! Door dit te doen besefte ik me dat veel mensen toch nog steeds denken dat we er al zijn. En dus hoe belangrijk het is om te strijden voor gelijkwaardigheid van de LHBT+ community. Toen ik zag dat Hindostaans & Queer bestond, voelde ik me geroepen om mij ook voor deze groep in te zetten. Ik vond het heel fijn dat deze twee werelden bij elkaar konden komen, zodoende ben ik nu met veel plezier een van de bestuursleden bij Hindostaans & Queer!

Kun je een specifiek moment of ervaring delen waarin je je bijzonder vreugdevol voelde als iemand die zowel Hindostaans als queer is? 
Ik was laatst naar een Bollywood dans workshop gegaan van Queerbolly en dat was een hele bijzondere ervaring! Het was voor mij een manier om te connecten met de Hindostaanse cultuur en tegelijkertijd in een queer omgeving te zijn. Ik voelde me heel veilig in die omgeving. En heel gezien en gehoord in mijn identiteit. Ik kon uitbundig mezelf zijn en dansen zoals ik dat wil. Zonder na te denken over hoe ik overkom. Ik voelde me toen heel vreugdevol als Hindostaanse queer. 

Wat zijn de belangrijkste bronnen van vreugde in je leven als Hindostaans en queer persoon? 
Een belangrijke bron van vreugde voor mij is verbinding met andere mensen. Nieuwe mensen ontmoeten en connecten op een dieper niveau brengt mij heel veel vreugde. Middels de samenwerking van Hindostaans & Queer met bijvoorbeeld the Hangout070, heb ik leuke mensen ontmoet die zich ook inzetten voor de community. En dat vind ik zo leuk om te zien. Ik vind het ook interessant om te leren over de diversiteit binnen onze queer community. Ik weet natuurlijk voor mezelf hoe het is om homo te zijn. Maar in principe heeft elke letter binnen de community zijn eigen uitdagingen en obstakels. Wat elke subgroep weer zo uniek maakt natuurlijk. Ik vind het heel interessant om met verschillende mensen te praten om zo steeds meer te leren over deze verschillende uitdagingen en ervaringen.

Hoe heb je uitdagingen gerelateerd aan je identiteit overwonnen en hoe heeft dit bijgedragen aan jouw gevoel van vreugde? 
Voor mij, maar ik denk ook voor velen uit onze community gaat het heel erg om zelfacceptatie. Voor veel mensen betekent opgroeien in een heteronormatieve samenleving: jezelf ontkennen en afwijzen. Voor mij was dit ook een uitdaging. Ik heb heel erg moeten leren om van mezelf te houden en mezelf volledig te accepteren. En om mezelf niet meer te dempen of me aan te passen aan de omgeving door me heel erg bezig te houden met wat andere mensen over mij denken. En dat is echt een proces waarbij ik elke keer steeds een stapje zet en nog steeds bezig is. Elke keer dat ik nieuwe stappen maak, leer ik over manieren waarbij ik mezelf nog steeds ontken of in de steek laat. Door dit proces durf ik mezelf steeds meer te omarmen. En elke keer dat ik mezelf meer accepteer en van mezelf hou, leef ik ook steeds authentieker en wat meer als mezelf! Zo laat ik elke keer steeds meer geluk toe in mijn leven. En naarmate ik dingen ervaar, leer ik over welke keuzes mij gelukkig maken. En leer ik over verschillende kanten van mezelf, die ik nog niet eerder had gezien. Als een soort interactie tussen mezelf en het leven!

Hoe draagt de gemeenschap bij aan jouw gevoel van vreugde en acceptatie van je Hindostaanse queer identiteit? 
Ik heb me een lange tijd niet verbonden gevoeld met de community. Omdat ik het idee had dat de community vooral bestond uit uitgaan, alcohol, drugs en seks, dit paste niet bij mij. Hierdoor hield ik me vroeger wat afzijdig van de community. De laatste jaren door o.a. de pride groep op mijn werk en Hindostaans & Queer, voel ik mij echter meer verbonden met de queer community. En zie ik dat er meer mensen die zijn zoals ik. Laatst was er bijvoorbeeld een panel discussie die werd gehost door een bedrijf binnen mijn werkveld, waar ik me zo verbonden mee voelde dat ik zelf ook mee wou doen aan de discussie! Maar zelfs binnen de LHBT+ gemeenschap zie ik dat er nog wel verbetering mogelijk is. Bij een ander evenement bijvoorbeeld dat ging over queer personen in hoger management posities was ik een van de weinige personen van kleur. Hierdoor voelde ik mij dan weer niet helemaal thuis. Dus zelf binnen de queer community spelen dit soort zaken nog steeds. Dit zijn dingen waar de BIPOC community mee te maken heeft, mede door het koloniale verleden en systemische racisme. Dus als je dan kijkt naar de intersectionaliteit van de queer community en de BIPOC community, dan is dat helemaal weinig.

Wat zou je anderen in de Hindostaanse en queer gemeenschap adviseren over het vinden van vreugde en vervulling in hun leven? 
In mijn ervaring vind je vreugde buiten als je vreugde van binnen hebt gevonden. Dus waar het uiteindelijk om draait om echt gelukkig te zijn in het leven is om gelukkig te zijn met jezelf. Gelukkig te zijn met hoe jij je leven hebt vormgegeven, hoe je het wilt vormgeven en hoe jij met jezelf omgaat als persoon. Dus als je omgaat met jezelf  op een liefdevolle manier, dan ervaar je ook dat het leven liefdevoller is. Dus de manier hoe jij relateert aan jezelf is de manier hoe jij relateert aan de wereld. Je hebt dus zelf invloed op hoe jij jezelf en de wereld ziet. Als jij een goeie relatie hebt met jezelf en houdt van jezelf dan zal dit zich ook uiten naar de wereld toe. Hoe cliché het ook klinkt, maar: love yourself, want je bent perfect hoe je bent! 

Vacature voorzitter bij stichting Hindostaans & Queer

Als voorzitter sta je aan het hoofd van het bestuur en geef je leiding aan de stichting. Als kapitein op een schip, met als koers de visie en missie van de stichting, die te vinden zijn op www.hindostaansenqueer.nl/missie.

Welke kwaliteiten zoeken wij in een voorzitter?

Iemand met passie, die het overzicht weet te bewaren, voor structuur weet te zorgen en goed kan samenwerken. Verder zijn punctualiteit, goede communicatie en een gebalanceerd verantwoordelijkheidsgevoel eigenschappen die wij graag bij deze functie zien. Iemand die ten allen tijde de rust weet te bewaken en de koers nooit uit het oog verliest. Verder weet je de visie en missie van de stichting uit te dragen naar de achterban en externen. Ook kan je op strategisch vlak en op lange termijn denken.

De functie is voor minimaal een jaar, daarna kun je aanblijven of het stokje overdragen. De functie is vrijwillig.

Wat houdt de functie van voorzitter in?

  • Jij bent het gezicht en de vertegenwoordiger van de stichting, zowel intern als extern
  • Jij geeft leiding aan het bestuur en bent eindverantwoordelijke
  • Jij bewaakt de missie en visie van H&Q (www.hindostaansenqueer.nl/missie)
  • Jij neemt het voortouw en initiatief in het uitwerken van de doelstellingen, die voortvloeien uit de missie en visie van de stichting
  • Jij zit alle maandelijkse bestuursvergaderingen voor en zorgt ervoor dat de genomen besluiten worden doorgevoerd.
  • Jij bezoekt en neemt als vertegenwoordiger van de stichting deel aan evenementen, panelgesprekken en interviews, met als doel de missie en visie van de stichting in je achterhoofd
  • Jij stuurt commissies en werkgroepen aan
  • Jij onderhoud contact met het netwerk van de stichting

  • Wat kun je van H&Q verwachten?
  • Het beleid van Hindostaans & Queer opstellen en uitwerken
  • Werken in een gezellig team
  • Uitbreiding van je (Hindostaanse queer) netwerk en netwerk van andere organisaties
  • Een mooie uitbreiding van je CV


Voor deze functie moet je een geldige VOG (verklaring omtrent goed gedrag) kunnen overleggen.

Ben jij de voorzitter die wij zoeken? Stuur voor 20 mei je CV en motivatie naar contact@hindostaansenqueer.nl

Mijn innerlijke strijd met mijn homoseksualiteit: Een monoloog van begin tot eind

Homo als scheldwoord

Homo’s

werd gezegd wanneer jongens zich dom gedroegen. Met dom bedoel ik: kleine jongens die stoer deden, waardoor de andere kleine jongens zich beledigd voelden. Met homo bedoel ik: een erg scheldwoord. Als basisscholier, was ik er passief van overtuigd dat homo een erg iets was, in ieder geval een scheldwoord. 

Of het kwam van een ziekte of van iets heel anders, dat wist ik niet. Bovendien boeide het me ook niet, net zo min mij het boeide waar tering vandaan kwam, wat we overigens leerde bij geschiedenis, waarschijnlijk ergens in groep zeven. Wat een homo was wist ik toen inmiddels wel, de Olympische Winterspelen werden toen in Rusland gehouden en mijn meester vertelde dat dit niet gunstig was voor de homoseksuele kandidaten. Een homo was iemand die op hetzelfde geslacht viel. Ik wist dit nu, en wist dat dit ‘anders’ was. 

En ja, het klopt dat taal werkelijk van invloed is. Je wil niet hetgeen zijn waarvan de betekenis ‘vies’ is; hetgeen zijn dat afkeer veroorzaakt bij je klasgenoten, waarvan meer dan de helft collectief tijdens de godsdienstles – ondanks de verschillen in religie –  overeenstemt dat homoseksualiteit niet kan – het eens zijn met elkaar ondanks de verschillen, wat mooi! 

Hoe mensen niet naar uitwerpselen willen kijken, het gevoel van weerstand dat dat oproept, zo gedroegen een groot aantal medescholieren zich als ze een flamboyante homoseksuele man zagen – en zelfs toen twee vrouwen naast elkaar in bed gingen slapen in een film die we op school keken. Het had niet eens homoseksuele implicaties, er werd een vriendschap geportretteerd, maar als je angst hebt omdat je omgeving van je zou walgen, moet je hard meeschreeuwen met woorden van afkeer om duidelijk te maken dat jij niet de walging zelve bent.

Mannelijk?

Niet dat ik meeschreeuwde. Gelukkig zorgde dit niet voor een verdenking van een vieze lesbienne zijn. Ik hoorde van mijn vriendinnen: ‘Ik kan jou niet voorstellen met een jongen! Ben je aseksueel? Het zou wel kunnen.’ Niet dat ik het vreemd vond dat ze dit zeiden; ik deed niks om er ‘aantrekkelijk’ uit te zien (daarmee bedoel ik niet dat aseksuelen niet aantrekkelijk zijn, maar ik deed geen moeite mensen tot mij te trekken). En het was niet zo alsof ik me gewoon al comfortabel voelde in hoe ik er toen uitzag, maar omdat ik onbewust had geleerd dat vrouwelijkheid voor de mannelijke blik was. En mooi zijn voor een man, dat wilde ik niet. 

Ik kleedde mij niet per se heel ‘jongensachtig’, maar soms wel. Alsnog voelde ik mij niet comfortabel, want een mannelijk uiterlijk, dat is dus niet aantrekkelijk voor de man, en helaas, onbewust en onopzettelijk, leer je toch dat dat jou grotendeels definieert als vrouw. En instinctief gaf ik daar om; ik was beroofd van mijn vrouwelijkheid door mijn homoseksualiteit. 

Pride, in de kast zitten en zelfacceptatie

Kleden voor een vrouw deed ik ook niet, want ik zat diep in de kast, en was niet gelukkig. Ik kon mijzelf een lange tijd niet accepteren. 

Je hoort wel eens mensen zeggen dat het niet meer nodig is nu uit de kast te komen, of dat Pride niet nodig is want: ‘Je hoeft toch niet aan de wereld aan te kondigen met wie je naar bed gaat?!’
Ik moet toegeven dat ik dit vooral hoor wanneer ik Amerikaanse content bekijk waar conservatieven en liberalen debatteren, wat een guilty pleasure voor mij is omdat de frustratie die het opwekt mij een adrenaline rush geeft die ik kan uiten door de video te pauzeren en in mijn hoofd mijn standpunten te vocaliseren. Het compenseert voor het niet kunnen debatteren in het echt. Deels veroorzaakt doordat ik mezelf had opgesloten in de kast voor een aantal jaar en persoonlijke meningen niet deelde in het geval dat er per ongeluk iets gays uit mijn mond kwam – en deels veroorzaakt door Hindostaan zijn. 

Maar om terug te komen op het onderwerp van aankondigen met wie je slaapt; deze mensen hebben niet door wat er omgaat achter de gesloten deuren van de kast, achter het masker dat je automatisch opdeed als Hindostaans meisje toen je een lesbisch koppel op televisie zag en iets voelde, maar leerde om niet te delen wie je echt bent.

Nu, aan het einde van de dag, is lesbisch zijn niet per se iets bijzonders voor mij. Maar voor mijn 14 jarige zelf, was het een dagelijkse nachtmerrie, en ik overdrijf dit niet, ondanks dat ik ja in generatie Z geboren ben, en ja in een westers land woon. Ja, zelfs dan kan het zijn dat homofobie een dagelijkse omstandigheid is in je omgeving, waar leraren op mijn middelbare school overigens niks aan deden. Maar godverdomme zeggen? Op school? O wee.

Onzekerheid

Tot op de dag van vandaag heb ik er erg veel moeite mee wanneer ik mijzelf tussen een groep meiden bevind die hebben besloten om over hun heteroseksuele tinderdates te praten. Wanneer iedereen meedoet, en ik niet, ben ik bang dat iemand mij een vraag gaat stellen. Over mijn liefdesleven, over mijn ervaringen. Voordat dit plaatsvindt begint mijn hart al snel in mijn keel te bonzen. Mijn lichaam ervaart een gevoel van angst. Mijn onderbewuste schaamt zich om zo iets onbenulligs. Want zei ik niet net, dat het er voor mij niet meer toe doet dat ik lesbisch ben? Dat het aan het einde van de dag niets betekent? Waarom is het zo, dat het er voor mijzelf alleen toe doet, wanneer ik er angst door ervaar? Wanneer ik mij schaam, zo erg schaam, dat ik neig te liegen? 

Ik begin alvast, voordat iemand zich überhaupt afvraagt op wat voor jongens ik nou wel niet zou vallen, te internaliseren dat ik vanaf nu als mannelijk word gezien door deze meiden. Dat zij allemaal collectief denken dat ik geen vrouwelijkheid bezit, want op vrouwen vallen is – natuurlijk –  een mannelijke begeerte. Wat enorm mannelijk van mij, dat ik van de bloemetjes- en vlindermotieven houd op de topjes van mijn vriendin. Waarom het vallen op het ene geslacht mannelijk is en op het ander vrouwlijk? – ik begrijp waar dat vandaan komt, maar logisch is het niet. Maar logisch is mijn manier van denken ook niet, ik word constant geleid door mijn emoties, en in dit soort gevallen door mijn angst.

Uiteindelijk behandelden veel van mijn vriendinnen mij hetzelfde na de kleine coming-outs. En veel middagen in de tram hoor ik nog steeds K*****homo als een vluchtige, alledaagse opmerking in gesprekken op de achtergrond.

Microaggressions

Een ander gedeelte van mijn ‘vriendinnen’ (oud-studiegenoten, collega’s), vinden het wel moeilijk te bevatten dat er bijvoorbeeld lesbische vrouwen zijn die, ja, niet schrikken, kinderen zouden willen (niet dat ik een van hen ben, voor nu). Nadat ze vragen of ik mezelf als moeder zou zien, verbeteren ze zichzelf als de bliksem met: ‘Oh laat maar! Jij bent lesbisch’. Of, vrienden die enthousiast met mij delen dat toen ik hen appte terwijl zij met gezelschap waren, ze plezierig aankondigden: ‘Mijn lesbische vriendin appt!’, omdat ze het grappig vinden dat te delen. 

Dit maakt mij niet boos of zo, maar ik vind het jammer dat het er zo toe doet, dat ik mij aangetrokken voel tot vrouwen. Het doet er voor sommigen meer toe dan dat het mij persoonlijk boeit. Weet: ik heb nu alleen maar een super klein aantal van de safe for work opmerkingen benoemd die ik heb gekregen.

Ook irritant: wanneer het resulaat van jarenlang in de kast worstelen met je zelfbeeld en toch de moed bijeenhalen om voor je ware zelf uit te komen in de momenten van angst, veroorzaakt door iets zo banaals als kletsen met meiden die toevallig hetero zijn, is: ‘Ik wou dat ik lesbisch was! Het zou zoveel makkelijker zijn.’

Voor diegenen: wees dan een – ik kan het woord trouwens nog steeds niet uitspreken, het blijft aversie oproepen – lesbie! 

Over Mia:

Met veel plezier ben ik lid van de redactie van Hindostaans & Queer. Ik hoop een waardevolle bijdrage te leveren met columns over mijn perspectief en ervaringen als Hindostaanse lesbische vrouw, waardoor, ondanks de intersectionele identiteiten die ik als redactielid en jij als lezer kan hebben, de zichtbaarheid van alledaagse en universele queer ervaringen zal worden vergroot. Ik hoop dat mensen zich kunnen relateren aan mijn ervaringen en zich minder alleen voelen.

Hindostaans, Queer en Islamitisch – Deel 2

Heb jij de hel weleens vorm moeten geven? Het is een behoorlijke klus kan ik je vertellen.
De informatie die ik over deze plek kon vinden was ronduit beangstigend. Eerst vergeleek ik de islamitische opvattingen met de christelijke perspectieven. Zou er echt vuur zijn? Zouden demonen echt zijn? Is het waar dat Gado (Sranan voor God) een engel verloor en dat deze engel zijn eigen weg ging? Voor het hindoeïsme was binnen mijn gezin geen plek. Ook het hindoeïsme was taboe. Nog zoiets geks, want als Gado een synoniem is voor Al Wat Is, waarom zouden andere invullingen van het aardse leven dan taboe zijn? Ik bleef een aantal jaar ronddwalen in de overtuiging dat ik naar de hel zou gaan – ook al had ik ‘m nog niet helemaal vormgegeven. 

In groep 8 werd ik geout door twee Hindostaanse klasgenoten. Mijn juf vond het blijkbaar ook een goed idee om dit klassikaal te bespreken. Ik schaamde me dood. Wist ik veel wat de norm was, dat ik er blijkbaar van afweek en dat pesten beloond werd met klassikale vernedering. De basisschool was een hel. Ik maakte al vroeg kennis met ‘de onderdrukker’. That sucks! Ik kon het namelijk niet in deze woorden beschrijven, daar was ik te jong voor. Maar ik wist het, intuïtief. Onbewust wende ik aan het gevoel van anders zijn. Of het op school, op straat of in mijn gezin was – anderen maakten mij tot ‘anders dan hen’. Soms leidde dat tot populariteit, zoals op de middelbare school. Maar vaak was het anders zijn een negatief beladen identiteit die mij werd aangemeten door mijn omgeving. 

Zoals vaker gebeurt met overtuigingen die mij niet dienen, kwam er ook hier een punt waarop ik flarden van een ander gezichtspunt waarnam. Het voelde in het begin wat onwennig. Ik drukte het weg. Het kwam weer terug. Ik drukte het weg, het werd groter. Mijn bewustzijn en daarmee wereldbeeld groeiden ook. Langzaamaan begon het me te dagen. Ik ben de auteur van mijn leven. Ik kan zelf kiezen voor een (levens)overtuiging. Eentje waarin er plek is voor (nagenoeg) iedereen. In plaats van ‘godvrezendheid’ te verheerlijken en een hel vorm te geven in mijn hoofd, verzamelde ik gestaag puzzelstukjes die zouden leiden naar een beeld van mijn Al Wat Is. Door ontiegelijk hard te werken is mijn wereldbeeld almost all-inclusive geworden.

Ik pakte enkel de ‘richtingaanwijzers’ waar ik mee resoneerde, zoals Sabr en Shukr. Dat doe ik nog steeds. Mijn zoekradius reikt nu tot aan andere stelsels en maatschappijen (daarover een andere keer meer). Het is een lange weg geweest tot hier. Inmiddels heb ik ‘de hel’, ‘demonen’ en andere fearbased-concepten vrijwel volledig overboord gekiept. For what it’s worth: niet de religie(s) hebben mij schade toegebracht, wel de menselijke invulling, interpretatie en het handelen dat daaruit voortvloeit. 

To be continued… I promise.

Warme groet, 

Firie

Over de auteur: Firie is mijn pseudoniem. For what it’s worth: mijn voornaamwoorden zijn zij/haar.
Door de aard van de column voel ik mij fijner bij een naam die bij de meeste lezers geen belletje zal doen rinkelen. ‘Firie’ betekent in het Sranantongo: ‘gevoel’. Het gevoel is onze krachtigste tool, vandaar.