De fluwelen woede in mij: mijn reis naar authenticiteit binnen een Hindostaanse familie

De fluwelen woede in mij: mijn reis naar authenticiteit binnen een Hindostaanse familie

Deel 1: Verstrikt in Schaamte

Het is geen geheim dat de weg naar zelfacceptatie als gay man in een Hindostaanse familie pijnlijk en complex kan zijn. Ik las recentelijk het boek ‘Fluwelen Woede’ van Alan Downs, waarin hij het drietrapsmodel beschrijft dat vrijwel al zijn mannelijke gay patiënten hebben doorlopen:

  1. De fase waarin je overweldigd bent door schaamte
  2. De fase waarin je de schaamte probeert te compenseren
  3. De fase waarin je je authenticiteit vindt

Het doel van het boek is ‘om homoseksuele mannen te helpen deze derde fase van authenticiteit te bereiken’. In dit artikel wil ik dieper ingaan op de eerste fase van dit model, namelijk de fase van overweldigende schaamte. Ik wil mijn eigen ervaringen delen en de impact van schaamte onderzoeken tijdens mijn reis naar authenticiteit binnen mijn Hindostaanse familie.

De Eerste Fase: Overweldigende Schaamte

Als jonge gay man voelde ik me gevangen in schaamte. De normen en verwachtingen van mijn Hindostaanse familie en cultuur creëerden een omgeving waarin mijn geaardheid als taboe werd beschouwd. Ik ervaarde een druk om aan de traditionele genderrollen te voldoen. Ik voelde me anders en afwijkend. Al op een hele vroege leeftijd, alleen toen wist ik nog niet waarom. Later natuurlijk wel, toen ik gevoelens kreeg voor jongens. Maar de schaamte verlamde me en belemmerde om mijzelf te kunnen accepteren.

Mijn Hindostaanse familie

Ik voelde me ook niet gezien door mijn familie. En dan heb ik het over mijn ouders, mijn zus en mijn hele familie met wie ik omging. Ze zagen niet dat ik het zo moeilijk had. De heteronormatieve verwachtingen van mijn familie zorgden er juist voor dat ik nog dieper de kast in ging. Downs beschrijft ook in zijn boek, dat wat tegen de norm ingaat wordt verzwegen, opgekropt en onderdrukt uit angst voor wat anderen ervan zullen denken. Het draagt niet bij aan de acceptatie en zorgt er zelfs voor dat in de eerste fase de jongeman zijn gay-zijn gaat ontkennen. En dat hij de overtuiging verankert dat hij diep in zijn kern niet deugt en geen liefde waard is. De angst voor afwijzing door onze ouders resulteerde in onze overtuiging:

‘Er was iets aan ons wat walgelijk en afwijkend was, en het was onmogelijk om van ons te houden’ (blz. 21).’

Ja, dit is wat ik ervaarde. Zelfs toen ik uit de kast kwam naar mijn ouders en zus toe op mijn 18e, werd mijn geaardheid verzwegen en onderdrukt. Want de bekende Hindostaanse zin: ‘wat zullen anderen ervan zeggen’ heerste natuurlijk ook hier. Ze schaamden zich voor mij en de onthulling van mijn geaardheid zou hun reputatie schaden binnen de familie. Tenminste, zo voelde dat denk ik voor hen. 

Splitsen

Eén van de termen die Alan Downs beschrijft is splitsen’. Wanneer we splitsen, is wie we echt zijn en wat we voor onszelf willen, anders is dan wat we aan de wereld laten zien. Down beschrijft dat dit resulteert in zelfontkenning en het verbergen van je authentieke zelf. Dat we boos zijn op onszelf en dat we overweldigd worden door schaamte. We geloven dat een deel van onszelf verkeerd is en dat de seksuele identiteit slecht en gevaarlijk is. 

Voor mij resulteerde dit in dat ik altijd een heteroseksuele masker droeg en niet mezelf kon zijn. Dat ik mijn schaamte begon te onderdrukken door te blowen en veel te drinken. Ik raakte eraan verslaafd en schaamde me ook hiervoor en kwam in een vicieuze cirkel terecht. Ook daten met mannen deed ik stiekem, zo leefde ik jarenlang in twee werelden. Ik was mezelf aan het splitsen.

Ik wilde er alles aan doen om mezelf te veranderen. Toen ik ongeveer 20 jaar was kwam ik op internet terecht bij een organisatie die aan homogenezing deed, stichting Different. Deze ‘therapie’ sessies werden zelfs vergoed door de zorgverzekeraar. Ik dacht uiteindelijk iets gevonden te hebben waardoor ik hetero zou kunnen worden en wat zou leiden tot acceptatie van anderen. In feite ging ik op deze manier nog dieper de kast in en versterkte het mijn gevoel dat ik niet goed genoeg was. Na een aantal sessies kwam ik erachter dat ik hier nog on-gelukkiger van werd en stopte ik met de sessies.

De rol van de vader

De woorden van Alan Downs raken mij wanneer hij vraagt: 

‘Dus waar waren onze vaders toen dit plaatsvond? Waarom zijn ze ons niet te hulp gekomen en hebben ze ons niet geleerd dat man-zijn begint met eerlijk te zijn over jezelf? Waarom konden ze ons dilemma, de angst in onze ogen niet zien, ons bij de hand nemen en ons leren hoe we de angst tot bedaren kunnen brengen en van onszelf kunnen houden (blz. 23)?’

Deze vragen roepen een gevoel op van verlangen naar begeleiding en ondersteuning van vaderfiguren, naar de geruststelling dat we niet alleen zijn in onze worsteling. Het was een pijnlijke maar tegelijkertijd ook een bevrijdende ervaring toen ik realiseerde dat mijn vader (en moeder) ook gevangen zaten in culturele en sociale normen. Hij was niet in staat om mij te ondersteunen in het proces van zelfontdekking en acceptatie. Steun die zo belangrijk was geweest voor mij, maar die ik buiten mijn Hindostaanse familie heb moeten vinden.

Lees in mijn volgende twee artikelen de volgende fasen van het drietrapsmodel waar we dieper ingaan op het compenseren van schaamte en het cultiveren van authenticiteit. Deze fasen zijn heel belangrijk om verder te groeien en anderen te inspireren op hun eigen pad naar authenticiteit. 

Geschreven door Ashwin Ramadhin

Review bollywood film ‘Fire’ (1996)

Een vooruitstrevende film over twee schoonzussen

Toen ik erachter kwam dat de film Fire geregisseerd is door een Indo-Canadese vrouw, gaf het mij de doorslag om de film te bekijken. Iets in me zei, dat ik niet ieder half uur naar een zang- en dansspektakel zou hoeven kijken. Iets wat in Bollywoodfilms vaak het geval is. Fire is een erotische dramafilm uit 1996, die voor het eerst in de geschiedenis van de Indiase filmindustrie zo nadrukkelijk een lesbische relatie toont. Het verhaal is overigens niet iets nieuws, de vertelling is lichtelijk gebaseerd op het verhaal ‘Lihaaf’ dat in 1942 werd uitgebracht door de schrijfster Ismat Chugtai.

Het plot gaat over de twee schoonzussen Radha en Sita. Radha is de oudste van de twee en kan geen kinderen krijgen. Haar echtgenoot, die in de ban van een swami (hindoe leermeester) is, besluit dat zij daarom ook geen seks meer hoeven te hebben. Geslachtsgemeenschap heeft immers maar één doel en dat is voortbrengen van het nageslacht. Sita is de jongste van de twee schoonzussen en is waarschijnlijk daarom ruimdenkender. Ook zij heeft een ongelukkig huwelijk, omdat haar man eigenlijk verliefd is op een Aziatische vrouw en zijn lusten op haar botviert. Gevoed door frustraties, beginnen de schoonzussen een seksuele relatie met elkaar. 

Na het bekijken van het spektakel, kon ik maar één ding concluderen en dat is dat het een verrassend goede film is. Twee dingen die de film al anders maakt is dat het voor de maatstaven van Bollywood expliciete beelden toont. Ik kan me niet heugen dat ik eerder twee seksende Indiase vrouwen heb gezien. Maar wat deze film ook onderscheidt van andere films is dat de vrouwen uitgediepte personages hebben, waarbij ze praten over hun emoties en dromen. Hierdoor is het gemakkelijker voor anderen om zichzelf in de personages te herkennen. Ook worden zij niet neergezet als hulpeloze wezens. Zij nemen daarentegen juist het heft in eigen handen.

Queerzijn was ten tijde van de release van deze film nog een taboe in India. Dat is best gek, als je je bedenkt dat de Indiase cultuur voor de kolonisatie door de Britten, een derde gender kende. Bewijzen hiervan zijn terug te vinden in de geschriften en deze relaties zijn geïllustreerd in de Kamasutra. Als je ooit India hebt bezocht, dan heb je vast de versieringen op de tempels gezien, waarbij mensen seks met elkaar hebben. Ook mensen van hetzelfde geslacht zijn er te zien. 

Niet enkel werden destijds personen van het derde gender geaccepteerd, maar zij genoten soms zelfs van aanzien. Men dacht destijds dat zij speciale krachten bezaten en werden daarom vaak uitgenodigd bij geboortes en gebedsdiensten. Het is jammer om te zien dat een cultuur die ooit zo vooruitstrevend en ruimdenkend was, na 300 jaar kolonisatie terug in de tijd is geworpen.

Langzamerhand keert de mainstream acceptatie van het derde gender in India weer terug en wordt het stukje bij beetje meer getolereerd. Zo kun je bijvoorbeeld in sommige deelstaten kiezen uit drie geslachten om in je paspoort te registreren: man, vrouw of x. Maar dat wilt niet zeggen dat relaties met hetzelfde geslacht geaccepteerd worden. Er zit namelijk een verschil tussen het erkennen van een derde gender en het openlijk toestaan van relaties met hetzelfde geslacht. Dat is ook wat deze film toont: ook al is de cultuur bekend met een derde gender, dat betekent niet automatisch dat de lesbische relatie tussen Radha en Sita zal worden goedgekeurd.

Geschreven door Santoecha Rangai

Hindostaans, Queer en Islamitisch


Over de auteur:

Firie is mijn pseudoniem. For what it’s worth: mijn voornaamwoorden zijn zij/haar.
Door de aard van de column voel ik mij fijner bij een naam die bij de meeste lezers geen belletje zal doen rinkelen. ‘Firie’ betekent in het Sranantongo: ‘gevoel’. Het gevoel is onze krachtigste tool, vandaar.  

De Islam stond centraal in het gezin waar ik geboren ben. In de tijd dat ik opgroeide was er nauwelijks ruimte om kritische vragen te stellen over het geloof, laat staan om me ervan te distantiëren. Vol (existentiële) vragen keek ik om me heen, zoekend naar antwoorden op mijn levensvragen binnen andere religies. Gelijktijdig met deze ontwikkeling liep er een realiteit waarin ik er als puber achter kwam dat ik zowel meisjes als jongens interessant vond. Wat mij betreft was er niet zoveel aan de hand, de ontdekking voelde voor mij als doodnormaal. De echte shock zat in de reactie van mijn omgeving. Zij hadden het er vele malen moeilijker mee dan ikzelf. Ik was me niet echt bewust van de impact van mijn queer zijn – als Hindostaans meisje – op mijn naasten.

Natuurlijk voel je op een gegeven moment wel dat de wereld je als ‘anders’ ziet, maar om er als puber van uit te gaan dat je uitsluiting zult ervaren is eigenlijk best gek. Dus dat deed ik niet – maar ik voelde het wel. Ik voelde hoe enorm teleurgesteld mijn ouders waren, hoe het een wig dreef tussen hen. De spanning in ons gezin was sowieso al jaren voelbaar, maar nu werd het tastbaar. Mijn coming out op mijn 14e was olie op het vuur. Het was als een hele emmer vol druppels op een al veel te lang gloeiende plaat. En dus barstte de bom. Ik voelde me immens schuldig. Alsof ik de reden ben geweest van de scheiding. Van het uiteenvallen van ons gezin. De scheuren waren er al jaren, maar daar sprak niemand over. Nee, vooral niet die 35 roze olifanten in de kamer bespreekbaar maken, maar wachten, slikken, accepteren. Dat was de strategie, en volgens mij hanteren een hoop Hindostaanse gezinnen en families dit nog steeds.

Voor mij betekende dit dat ik moest liegen over waar ik heen ging, met wie en waarom. Maar liegen, dat wilde ik absoluut niet! Ik wilde open zijn, eerlijk zijn, transparant – waarden die mijn volwassen Ik heel hoog heeft zitten. En, let’s be honest: als puber zoek je de grenzen op. Je duwt en schopt tegen dingen aan om op deze wijze je eigen identiteit, je eigen Ik, te ontdekken. Bovendien is mij geleerd: al is een leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel. Dus… Ik wilde eerlijk zijn. And I was. Maar, mijn cultuur ook. De Hindostaanse cultuur, de islamitische cultuur, de straatcultuur – alle culturen leerden mij hetzelfde. Queer zijn is taboe. Op school, in de grote religies, binnen de familie. Alles en iedereen leek dezelfde kant op te wijzen: de hel. 

To be continued… I promise. 

Warme groet, 

Firie

Geen Afscheidskus maar een Knuffel

‘Jong en verliefd in een grote stad, we hebben echt veel geluk.’

Negen dagen samen. Jong en doelloos, maar die dag hadden we weer iets vervuld. Een dag gespendeerd in de stad. Dé stad. Den Haag. Het was rond een uur of zes. Ik moest bijna naar huis want aan mijn ouders had ik verteld op werk te zijn. Mijn shift was een uur geleden al afgelopen. ‘Ik moest overwerken’ herhaalde ik in mijn hoofd, zodat ik de zin thuis niet zou vergeten. We zaten op het voetstuk van een standbeeld te midden van het kruispunt van het drukke Spui van Den Haag. ‘Jong en verliefd in een grote stad, we hebben echt veel geluk’, zei mijn vriendin. De stad, Den Haag. Een stad waar een tiental mensen je in slechts acht uur van top tot teen bekijkt – eerst naar onze handen, die in elkaar verwikkeld zijn. Dan onze gezichten, één voor één. We worden opgenomen in hun passerende observatie, ingeprent in hun gedachten, ze vinden ons vies, denk ik, maar ons vermijden met hun ogen, zodat het brein de walging later niet zal terugroepen, doen ze niet – natuurlijk niet, ze moeten toch iets van een visueel voorbeeld hebben om hun haat aan te wakkeren wanneer nodig? Ook al weet ik niet zeker of dit de oorzaak, of uiting van hun haat is – dan weer naar onze handen, die ik op dit punt negen van de tien keer uit ongemak losmaak van elkaar.

Het waren niet alleen passerende blikken die we die dag kregen. We gingen schuin achter een vrouw zitten in de Dunkin’ Donuts. Net als toen we voor haar liepen en langs haar tafel heen, kregen we nu een gezicht te zien met hangende mondhoeken en wenkbrauwen vol spanning naar beneden. Een bewust boos gezicht dat mij in de ogen aankeek. Ik probeerde er niet op te letten. Niet veel later merkte ik toch op hoe ze de moeite had genomen om met gebogen nek en gezicht over haar schouder heen naar achteren te kijken met diezelfde smerige, afstotelijke blik terwijl ze staand haar tas aan het inpakken was, de half opgegeten donut terug in het doosje. Het was duidelijk dat ze haar eetlust kwijt was door ons. Blikken zijn we nu wel iets meer gewend, maar in deze eerste negen dagen van ons samenzijn was dat nog wennen – en dit was helemaal nieuw (een donut-etend wijf met zo een mismaakte blik hadden we namelijk nooit eerder gezien). Wenkbrauwen met zulke bochten naar beneden gekeerd dat ze afkeerwekkend waren. Ik snap dat ze haar eetlust kwijt was, mij bleef ook een onsmakelijk gevoel bij, na onze non-verbale interactie, mevrouw. Walgelijk. Walgelijk, toch? We hielden handen vast.

Begrijp me niet verkeerd – het was een aangename dag. Maar de blikken van afkeer die we kregen toegekeerd (in combinatie met de jongen onderweg naar het Filmhuis die tegen de lesbiennes zei ‘jullie zijn mooi, mag ik mee’, ondanks dat we blijkbaar een beetje lachwekkend waren) geeft mij altijd een onopzettelijk maar sterk gevoel van schaamte. Mij schamen voor haar liefhebben, mij schamen voor mijzelf, is een belediging naar ons beiden en de versies van onszelf die we na jaren in de miezerige duisternis van de puberteit (noem het de kast) hebben bereikt. Een tegenstrijdigheid die me na een tijd echt gek gaat maken, ben ik bang voor.

Een maand en negen dagen later zaten we in de avond in een restaurant. Wanneer de bediening langsloopt zijn we beste vriendinnen – dit is een standaardregel, we maken geen beginnersfouten meer. Dat is waar we het nieuws lazen over de man die op station Den Haag Centraal werd mishandeld vanwege zijn homoseksualiteit. Een gevoel van versteldheid overspoelde ons. ‘We moeten voorzichtiger zijn dan we denken’, zei ik tegen mijn vriendin. Als het niet erg laat is, maar wel donker, vind ik het stiekem het fijnst om handen vast te houden op openbare plekken. Er zijn minder mensen buiten en dat handen van hetzelfde geslacht in elkaar verwikkeld zijn valt minder op door de duisternis. Maar, dit was een avondje uit voor ons, net als voor de onbekende toegetakelde homoseksuele man in het artikel dat we net lazen. Misschien moeten we wat vaker in ‘bestie-modus’, besloten we toen. Onszelf beperken omdat homoseksualiteit, of openbaar liefhebben, gewelddadigheid oproept bij mensen met een brok in hun hart en overtuigingen waarvan niemand anders mag afwijken; er zijn namelijk gevolgen. Over de toegetakelde homoseksuele man en de daders van de mishandeling, lazen we nooit een vervolgbericht. Vergeten nieuws. Een naam in een artikel waarvoor je ver naar beneden moet scrollen (zijn naam bleef onbekend voor zijn eigen privacy, maar bij wijze van spreken).

De avond verliep veilig, we werden maar één keer aangesproken. Niet per se om onze geaardheid, want die weten we te verbergen, de man leek gewoon bezopen. Voordat mijn vriendin de trap afliep om naar haar ondergrondse tramhalte te gaan, belden we elkaar al. Dat is nu een standaard procedure voor ons als we laat naar huis gaan; we blijven aan de lijn. Net als de regel: geen afscheidskus maar een knuffel. Een lange omhelzing en daarna gelijk mijn oortjes in. Het donker kerkert mij niet, maar heeft me toch altijd een beetje benauwenis gegeven. De voormalige voordelen van samen zijn als de lucht zwart is zijn ons nu ontnomen. Door onze eigen verstandigheid – of door oneerlijkheid. We moeten voorzichtiger zijn dan we denken; bloeiende verliefdheid in een grote stad. Wat bitter. Maar als ik veilig op mijn deurmat sta en we blij op de avond reflecteren voordat we de call eindigen terwijl zij inmiddels ook al veilig haar kamer heeft bereikt, denk ik inderdaad: wat een geluk.

Geschreven door: Mia

Boek review

Hani and Ishu’s guide to fake dating

16/1/23 – Arson Sadhoe

Hani and Ishu's Guide to Fake Dating eBook : Jaigirdar, Adiba:  Amazon.co.uk: Kindle Store

*Deze boekreview kan spoilers bevatten*

Hani and Ishu’s guide to fake dating’ bevat alle ins en outs van fake dating. Het verhaal speelt zich af in Dublin, Ierland. We kijken mee in het leven van twee jonge meiden, Humaira en Ishita. Humaira (Hani) is van Bengaalse en Ierse afkomst en Ishita (Ishu) is van Bengaalse en Indiase afkomst. Het verhaal wordt vanuit twee perspectieven verteld. 

Je leest over de dagelijkse bezigheden van de twee meiden, en de plek waar ze de meeste tijd doorbrengen: school. 

Hani en Ishu zitten op dezelfde school, Hani is daar een van de populairste meiden. 

Als ze haar vrienden vertelt dat ze biseksueel is, geloven ze haar niet. Volgens haar vrienden kan ze niet biseksueel zijn als ze alleen relaties met jongens heeft gehad. Uit paniek verzint Hani dat ze een relatie heeft met Ishu, een meisje waar de vrienden van Hani een hekel aan hebben. Ishu doet er alles aan om te presteren op school en wil graag hoofdmeisje worden (een leiderschapsrol binnen scholen in het Verenigd Koninkrijk, waarin je je school representeerd). Ishu is alleen niet echt populair en om hoofdmeisje te worden moet je toch populair zijn. 

Als Hani aan Ishu vertelt wat er is gebeurd met haar vrienden, stemt Ishu in. Hani helpt Ishu hoofdmeisje te worden en Ishu helpt Hani zodat haar vrienden haar geloven. 

Ze beginnen gevoelens voor elkaar te krijgen, maar mensen doen er van alles aan om een gelukkig einde tegen te houden.  

Voordat je besluit om dit boek te lezen is het handig om te weten dat dit boek voorbeelden van racisme, homofobie, Islamofobie, toxic vriendschappen, gaslighting, en ouderlijke verlating bevat. 

Hoewel het boek best luchtig kan zijn, worden er ook zware onderwerpen besproken. Vraag jezelf voor het lezen van het boek af of je hier ruimte voor hebt. 

Hani en Ishu hebben twee verschillende persoonlijkheden. Hani heeft een vriendelijke, warme persoonlijkheid en is een people pleaser. Terwijl Ishu heel gedreven en ook kritisch is naar zichzelf en anderen. Door het verhaal heen zie je beide personages groeien. Hani leert meer van zichzelf te houden en haar zelf niet meer aan te passen voor anderen. Ze is omringd door een liefdevol gezin, dat haar biseksualiteit accepteert. Op school is ze als een van de weinige personen van kleur een buitenbeentje. Hani bevindt zich in een hechte moslimgemeenschap, die haar identiteit viert. Door het open queer en moslim zijn van Hani, creëert ze een plek voor andere queer moslims om zich welkom te voelen binnen de gemeenschap.

Ishu spreekt zich uit over haar gevoelens en de verwachtingen van haar ouders. Een van m’n favoriete personages in het boek is de zus van Ishu: Nik. Ze is gestopt met haar studie en gaat trouwen, ze gaat haar eigen geluk achterna en heeft een moeilijke maar liefdevolle relatie met Ishu. Nik heeft zich losgemaakt van de verwachtingen van haar ouders en in het boek lees je meer over wat voor impact dat heeft op het gezin.

Hani wordt niet geaccepteerd door haar vrienden. Als lezer van het verhaal vroeg ik me vooral af waarom Hani bevriend is met deze mensen? Tijdens het lezen van deze stukken kwamen er allerlei emoties van onbegrip en frustratie naar boven, maar hoe meer je je gaat inleven hoe meer je het begrijpt. Het is moeilijk om afstand te nemen van mensen waarmee je al jaren bevriend bent, omdat nieuwe vrienden maken voor velen enorm eng kan zijn. Aan het einde van het boek eindigde het wel op een manier, die ik kon waarderen. 

Over de schrijver

Het boek is geschreven door Adiba Jaigirdar. Adiba is geboren in Bangladesh en opgegroeid in Ierland. Ze is naast auteur van ‘Hani and Ishu’s Guide to Fake Dating’, ook auteur van: ‘The Henna Wars’ en ‘A Million to One’. In juni komt haar nieuwe boek uit: ‘The Dos and Donut of Love’. Alle boeken die ze tot nu toe heeft geschreven zijn echte Young Adult boeken. Haar boeken komen vaak voort uit ervaringen die zij zelf ook heeft gehad als een queer moslima in Ierland.

Impact van het boek

De boeken van Jaigirdar zijn een bron van herkenning en erkenning voor vele queer personen uit de Zuid-Aziatische diaspora. De groep van Hindostaanse schrijvers is relatief klein en veel van de geschreven boeken zijn vaak non-fictie. Een aantal Hindostaanse fictie schrijvers zijn: Rima Orie, Tessa Diks en Cheryl Chotkan. 

In de boeken van andere Zuid-Aziatische schrijvers kan je als Hindostaan vaak een vorm van herkenning vinden, maar toch is het soms moeilijk omdat je identiteit als persoon uit meerdere lagen bestaat en je je vaak niet helemaal herkent in een verhaal. Daarom vind ik zulke boeken voor de Hindostaanse queer gemeenschap erg belangrijk. In een boek als Hani and Ishu’s guide to fake dating kunnen velen zich herkennen. Persoonlijk kon ik me in veel delen van het verhaal herkennen. 

Raad ik het aan?

Als je van Young Adult boeken houdt, raad ik dit boek zeker aan. Het boek heeft een goede combinatie tussen luchtige onderwerpen en serieuze onderwerpen. Als we het hebben over een score geef ik het boek 4,5 ster van de 5, omdat het boek heel makkelijk is om te lezen. Het verhaal is erg leuk en herkenbaar en als je eenmaal bent begonnen wil je toch weten hoe het afloopt. Persoonlijk ben ik een hele langzame lezer, maar dit boek heb ik voor mijn doen heel snel uitgelezen. De taal die gebruikt wordt, is makkelijk te begrijpen en door de schrijfstijl kan je je helemaal inleven. Ook voor iemand die geen visuele verbeeldingen kan maken, vond ik het verhaal goed te volgen. 

Extra: 

Over mij

Arson Sadhoe (hen/hun, die/diens), is een fulltime student in Rotterdam en houdt zich bezig met allerlei onderwerpen. De focus in diens werk ligt vooral op (actuele) sociale problemen en onderwerpen die overeenkomen met hun identiteit als Hindostaanse-Nederlandse queer persoon met een beperking. In diens vrije tijd is hen graag creatief bezig, van een eigen sieradenbedrijf tot dansen. 

Vacature social media teamlid

We zijn op zoek naar een teamlid die de functie van social media manager van Hindostaans & Queer wil uitoefenen. Iemand die sterk is in taal en op schrift en handig is met social media. Je werkt nauwkeurig en hebt oog voor visuele esthetiek.

Verder is het belangrijk dat jij achter de visie en missie van de stichting staat en die weet uit te dragen naar de achterban en externen. De functie is voor minimaal een jaar, daarna kun je aanblijven of het stokje overdragen.

Wat houdt de functie van social media teamlid in?

  • Jij beheert de social media kanalen: Whatsapp groep, Facebook groep en pagina, Instagram, LinkedIn
  • Jij beheert de binnenkomende berichten op social media
  • Jij maakt een contentkalender en werkt hiervoor nauw samen met de redactie en bestuurslid Evenementen
  • Je besteedt gemiddeld twee uur per week aan deze functie
  • Jij stelt samen met het bestuur doelen op voor de engagement en bereik op social­ media en de website
  • Jij bent vaardig in het maken van flyers en sheets voor social media posts (geen must)

Wat kun je van H&Q verwachten?

  • Een bijdrage leveren aan de missie en visie van Hindostaans & Queer:
    Visie
    Hindostaans & Queer streeft naar een wereld waar Hindostaanse queer mensen vertegenwoordigd zijn en in vrijheid de veelzijdigheid van hun identiteit claimen en vieren.
    Missie
    Bevorderen van acceptatie, emancipatie en representatie van Hindostaanse queer mensen. Dit doet Hindostaans & Queer vanuit intersectionaliteit en solidariteit naar andere gemarginaliseerde groepen.
  • Werken in een gezellig team
  • Uitbreiding van je Hindostaanse queer netwerk en netwerk van queer en hindostaanse organisaties
  • Een mooie uitbreiding van je CV qua competenties op samenwerking, social mediamanagement

Ben jij de Social media teamlid die wij zoeken? Stuur je CV en motivatie naar contact@hindostaansenqueer.nl. Ook voor vragen of toelichtingen kun je gerust een mailtje sturen. Ben je benieuwd naar de huidige bestuursleden? Klik hier voor een artikel over hen.

Team Hindostaans & Queer